De vogelaars en ik

Staar jij wel eens naar de blauwe, Portugese hemel op zoek naar een vogel? Ik deed het eerder nooit, maar alles is veranderd. Vijf dagen lang ging ik op pad met een stel vogelaars, dwars door de Portugese natuur. Hier het verhaal van hoe ik het virus van het vogelen te pakken kreeg.

In Nederland woon ik aan het water en zie ik de hele dag zwanen, meerkoeten, futen, ganzen, eenden, reigers en waterhoentjes aan me voorbijtrekken. In de achtertuin volg ik het roodborstje, de koolmees en de merel. Heerlijk! Toen Visit Portugal vroeg of ik mee wilde op vogelaarsreis in Portugal twijfelde ik dan ook geen moment! Natuurlijk!

Nog nooit heb ik een echte vogelaar ontmoet. Wat dat ook moge zijn. Ik ben dan ook nieuwsgierig als ik op de luchthaven van Porto mijn medereizigers ontmoet. Zoals altijd begin ik met een aantal supersnelle aannames. Die kan ik altijd nog bijstellen als het moet.

De aannames

Eén: vogelaars zijn vooral mannen. Twee: het vogelen is niet razend populair onder jongeren. Drie: vogelaars dragen veel donkergroene kleding. Deze observatie brengt mij in onzekerheid, want buiten een legergroene broek heb ik niets van die kleur in mijn koffer zitten. Vier: vogelaars praten uitsluitend over vogels. Vanuit de bus turen ze de blauwe Portugese hemel af op zoek naar de eerste vogel. Het lijkt wel een wedstrijd wie de eerste vindt. Natuurlijk wordt er ook besproken welke pronkstukken ontdekt moeten worden op de reis. Ik heb geen flauw idee hoe die vogels eruit zouden moeten zien.

Vogels

Bioria natuurgebied

Zwaluwen

Met deze eerste indrukken check ik wat afwachtend in bij het hotel in Aveiro. We spreken af om om zeven uur weer klaar te staan voor het diner, wat we zullen nuttigen in Costa Nova, even buiten de stad aan de kust. Ik besluit de meest kleurrijke kleding uit mijn koffer aan te trekken. Vanavond zullen er geen vogels zijn die ik daarmee af kan schrikken.

Op de afgesproken tijd verschijn ik voor het hotel. Daar zie ik zes Nederlandse mannen hun verrekijkers en grote lenzen naar de hemel richten. Het enthousiasme is groot, want het wemelt in de warme avondlucht van de zwaluwen. Tja, een zwaluw, daar heb ik er in Portugal toch al duizenden van voorbij zien komen. De andorinha is zo’n beetje het nationale symbool. Toch begrijp ik al snel dat een zwaluw niet zomaar een zwaluw is. De mannen bediscussiëren welke soorten er door de lucht cirkelen. Ik hoor ze praten over de huiszwaluw, de oeverzwaluw en de boerenzwaluw…. Ik neem me voor uit te zoeken hoe ze die in hemelsnaam uit elkaar weten te houden.

Tijdens het diner sneuvelt één van mijn eerste indrukken. Vogelaars kunnen wel degelijk over andere dingen dan vogels praten. Natuurlijk vuur ik mijn eerste vogelvragen op hen af, maar we hebben het ook over de paling die we voorgeschoteld krijgen. Over waarom ik sinds een half jaar geen vlees en vis meer eet. Over Portugees bier en – dankzij onze van kennis uitpuilende chauffeur – over de Portugese geschiedenis. En we stellen een doel voor deze reis: Willeke zal in ieder geval een hop aanschouwen!

De eerste wandeling

De volgende ochtend moet ik voor een eerste natuurwandeling geschikte kleding uitkiezen. Grijsgrauwe wandelschoenen heb ik gelukkig. Daar zit ik goed mee. De legergroene broek dan ook natuurlijk. Maar wat dan? Ik gok op een donkerrood t-shirt en, zolang het nog fris is, een bruin vest. Dat zijn geen kleuren die een vogel doen opvliegen mag ik hopen. Bij het ontbijt ben ik direct gerustgesteld. Ik zie mensen in de groep met fellere kleuren, zoals die Duitse dame met haar zuurstokroze vestje. Uitstekend. Aanname twee kan overboord.

Duitse dame? Aha, daar sneuvelt ook de derde aanname. Er zijn ook vrouwelijke vogelaars. Hoewel… Later in de reis blijkt dat de paar vrouwelijke deelnemers vooral natuurliefhebbers zijn. Ik hoor ze niet strooien met namen en kennis zoals de Nederlandse mannen doen. Hoe dan ook, ik ben niet meer de enige vreemde eend in de bijt ;-).

Zwarte wouw

Onze wandeling is een circulaire route van acht kilometer in het BioRia natuurgebied bij Estarreja. Dit moerassige gebied met rijstvelden en riet is de plek bij uitstek om vogels te spotten. Ik ben gewapend met een fotocamera en een videocamera en vind dat al heel wat. Toch zie ik de Nederlandse mannen heel andere apparatuur met zich meedragen. Natuurlijk een verrekijker, die ik voor vertrek toch maar niet besloot aan te schaffen. Enorme lenzen en statieven zie ik ook, die helpen de vogels nog dichterbij te brengen. Het blijkt dat deze apparatuur zo ongeveer het verschil is tussen een interessante tocht en een matige tocht. Het landschap verschilt namelijk maar weinig gedurende de acht kilometer en met de zoom van mijn apparaten kan ik kleine dieren niet dichterbij brengen.

De mannen vermaken zich kostelijk met de purperreiger en de zwarte wouw. Ze laten doorschemeren dat de ooievaar die ik zo geweldig vind eigenlijk maar een onaardige vogel is. Hij gooit zijn eigen jongen uit het nest namelijk. Met al het turen en luisteren komen we niet heel vlot vooruit. Ik probeer ondertussen de kikkers te spotten die keihard kwaken, maar ook tevergeefs. Soms, als een vogel stilzit, mag ik ook even turen door de lens. En dan komt die prachtige reiger ineens heel dichtbij en is het niet meer erg dat we zo langzaam gaan.

Flamingo’s

Na de lunch gaan we uit varen. Natuurlijk met een moliceiro, zoals dat gaat in de laguna van Aveiro (later meer over deze traditionele boot). Ik verbaas me over het geringe aantal watervogels. Ons doel wordt om tenminste één eend te vinden. Helaas, het lukt niet. We zien wel prachtige flamingo’s. Die ken ik van de jaren die ik in de Algarve woonde, maar ik ben toch weer onder de indruk. Vooral als ze prachtig met z’n allen opvliegen en in de richting van de zon verdwijnen.

Miradouro Penedo Durão

De tweede wandeling

Onze tweede wandeling brengt ons in het noordoosten van het land.  We gaan naar het Parque Natural do Douro Internacional. Dit is het natuurgebied dat rond de Portugees-Spaanse grens ligt en de rivier Douro volgt. Ik voel me inmiddels als een vis in het water tussen de vogelaars. We klimmen en dalen over de heuvels bij Freixo de Espada à Cinta en worden getrakteerd op een beeldschoon landschap.

De hoge kliffen in dit gebied zijn het leefgebied van totaal andere vogels dan tijdens de eerste wandeling. Nu is het zaak de roofvogels te spotten en dat ze er zijn wordt duidelijk door de witte uitwerpselen die fel afsteken tegen de grijze rotsen. Al snel zien we de vale gier en de aasgier boven ons hoofd zwieren. Wauw! Ik heb mijn zinnen stiekem op de zwarte ooievaar gezet, maar die laat zich helaas niet zien.

Onderweg krijg ik vooral een lesje in vogelgeluiden. De koekoek is nogal voor de hand liggend, maar ik leer ook het geluid van de kwartel kennen. We vangen geen glimp van hem op, maar sommige vogelaars tellen hem toch mee voor de daglijst. Ik hoor ook een geluid dat mij zeer bekend in de oren klinkt. De koolmees, zo wordt mij verteld. Die vergeet ik nu ook nooit meer. Het allermooiste vogeltje dat ik vandaag te zien krijg is de bijeneter. Al die kleuren!

Vale gier

We sluiten deze dag af op het uitkijkpunt van Penedo Durão. Heel, heel, heel mooi! Je kijkt er op de rivier Douro, met daarachter Spanje. Je ziet ook hoe de rivier Huebra ontspringt uit de Douro en een eigen weg door het landschap kiest. We staan hier rond een uur of zeven ’s avonds en hebben enorm geluk. De gieren komen net thuis! Omdat we op zo’n hoog punt staan zien we de vale gieren niet alleen boven ons hoofd, maar soms ook onder ons glijden op de thermiek. Iemand leent me een verrekijker, zodat ik ze ook van dichtbij kan bekijken. Adembenemend!

Op de terugweg wordt in het busje plots gegild om te stoppen. Iedereen haast zich naar buiten om te zien hoe een raaf in de lucht de strijd aangaat met een dwergarend. Een nieuwe les: een vogelaar moet altijd alert zijn…

De derde wandeling

Onze laatste wandeling brengt ons naar het Faia Brava natuurreservaat, langs de rivier Côa. Ook hierover zal ik later veel meer vertellen. De vogelaars zijn in ieder geval razend enthousiast. Onze ‘vangst’ is dan ook niet mis. We zien zelfs de hop, het vogeltje dat sinds dag één op de bucketlist stond. Maar we stuiten ook op de blauwe ekster, de westelijke orpheusgrasmus en de hele mooie roodkopklauwier. Soms wordt er zo enthousiast geroepen dat het een wonder is dat de vogel niet meteen verdwijnt. Het is ongelooflijk hoe mijn reisgenoten deze kleine beestjes door te luisteren en te kijken kunnen ontdekken in de toppen van de bomen.

Vogel

Westelijke orpheusgrasmus

Als we aan ons laatste avondmaal zitten wordt de vogellijst voor de laatste keer aangevuld. Meer dan tachtig soorten staan er in een notitieboekje. De vogelaars die ook de gehoorde vogels meetellen hebben er nog meer. Eén vogelaar maakt de balans op van de volledige reis. Meer dan honderd soorten hebben de zes mannen bij elkaar gezien en gehoord. Natuurlijk heb ik er veel gemist en zijn er nog meer niet meer dan een stipje geweest in de lucht. Maar ik ben gelukkig met mijn opbrengst.

Vogelaar in de dop

Het moge inmiddels duidelijk zijn. Het vogelaarsvirus is op me overgeslagen. Ik heb genoten van het plezier dat beleefd werd aan iets dat eigenlijk altijd om je heen is. Entertainment waar je niet eens een toegangskaartje voor hoeft te betalen. En het is bijzonder om je bewust te zijn van al dat leven om je heen. Doet je weer beseffen dat er meer is dan je vaak stompzinnige dagelijkse beslommeringen. De natuur is zo bijzonder. Al die soorten vogels met hun eigen kleuren, gedrag en geluiden. Je zou het zelf niet kunnen verzinnen. Ik ga dan toch maar die verrekijker aanschaffen. En voor mijn verjaardag vraag ik de ANWB vogelgids, die ook onmisbaar lijkt.

Reisverslag van een vogelaar

Mijn dank gaat uit naar mijn reisgenoten, voor alle opgedane kennis en gezelligheid. Speciale dank voor Jan van vogelreisorganisatie Blue Elephant, die zijn prachtige vogelfoto’s ter beschikking stelde voor dit artikel. Hij gaat een vogelreis organiseren naar Portugal, dus als je deze ervaring ook wilt: ga met hem mee! Meer weten over vogels? Kijk op welkevogelisdit.nl en vogelbescherming Nederland!