Piri-Piri

Kip piri-piri, wie kent het niet? Portugalliefhebbers hebben het ongetwijfeld geproefd, maar het valt me op dat het in Nederlandse restaurants ook steeds vaker op de menukaart staat. Wat is eigenlijk precies de piri-piri op deze heerlijke kip? Waar komt het vandaan en waarom is het zo belangrijk in de Portugese keuken? Vandaag gaan we op zoek naar de achtergrond van deze pittige smaakmaker.

Als een Portugees het heeft over piri-piri kan het meerdere dingen betekenen. Het kan bijvoorbeeld zijn dat het over een droog kruidenmengsel gaat, of een gekruide olie of een rode saus uit een flesje. Aan de basis van alles staat echter een vrucht, die groeit aan een plant. De piri-piri vrucht is één van de vele soorten chilipepers die bestaan op de wereld. Paprika’s, jalapeño’s, habanero’s en de Spaanse peper zijn andere voorbeelden van bekende chilipepers, maar er zijn er nog veel en veel meer.

Als je chilipeper hoort denk je vooral aan pittig, maar dat hoeft helemaal niet. Hoe pittig een chilipeper is wordt gemeten op de Scovilleschaal. Zo scoort een paprika slechts 0 tot 10 op die schaal, maar de piri-piri maar liefst 50.000 tot 100.000. Daarmee is de piri-piri pittiger dan de cayennepeper of de tabascopeper. Leuk vergelijkend weetje is dat de standaard Amerikaanse pepperspray tussen de 2.000.000 en 5.300.000 op deze schaal scoort.

Piri Piri

Hoe komen de Portugezen aan deze pittige piri-piri? Dit heeft alles te maken met de tijd van de Ontdekkingsreizigers. In de vijftiende eeuw waren de grote zeemogendheden allemaal geïnteresseerd in bijzondere specerijen, zoals zeldzaam zwarte peper uit Azië. Maar de Portugezen ontdekten een heel ander continent, namelijk Zuid-Amerika, en stuitten daar op een ander pittig vruchtje. Ze noemden dit de malagueta peper, naar een specerij uit de gemberfamilie dat ze uit West-Afrika kenden, de melegueta (paradijskorrel). Meer dan een gelijk klinkende naam hebben ze overigens niet gemeen.

De nieuw ontdekte pepers werden van Brazilië naar Portugal en de Afrikaanse koloniën gebracht. In het Swahili kreeg de nieuwe peper de naam piri-piri, wat rode peper betekent. Elders in Afrika komen we soortgelijke namen tegen: pili-pili in de Democratische Republiek Congo of peri peri in Malawi. In de Portugese koloniën zoals Mozambique en Angola werd de gangbare naam voor de kleinere malaguetas piri-piri.

De piri-piri werd al snel populair als ingrediënt in zowel Portugal als de voormalige Portugese koloniën. Naast de lekkere smaak die het geeft aan gerechten zou het ook goed zijn voor het immuunsysteem en ontstekingsremmend werken. Tegenwoordig kan je behalve de vruchten zelf ook vlokken, poeders, oliën en sauzen kopen met piri-piri. Kijk in Portugal eens op de markt of in de supermarkt. Je komt vast allerlei varianten tegen.

Piri Piri

In de Algarve vind je in het plaatsje Ferreiras het geheel op dit pepertje gerichte Piri-Piri & Co. Ze verbouwen zelf hun pepers en maken hier verschillende olie’s, poeders, pasta’s en sauzen van (ze hebben ook een online winkel). Verder kun je je hier als liefhebber van scherp, scherper, scherpst wagen aan A Bifana Mais Picante Do Mundo, oftewel de scherpste bifana ter wereld. Durf je de uitdaging aan, check dan van te voren op de website of Facebook pagina wanneer dit mogelijk is.

Wil je de lekkere kip piri-piri thuis maken? Kijk dan naar het recept dat we eerder al eens gaven. Of ga het proeven in Portugal in hét kip piri-piri dorp Guia!