De mooiste autoroutes: midden-Portugal

Gaan en staan waar je maar wilt, een lekker muziekje uit de boxen, stoppen als je moe bent, doorgaan als je nog meer wilt, komen op plekjes waar niet iedere toerist komt… Er zelf met de auto op uit trekken heeft vele voordelen. Maar misschien weet je nog niet zo goed waar je moet zijn. De komende weken doen wij je enkele suggesties voor de leukste en mooiste autoroutes van Portugal. Vandaag nemen we je mee op een rondje door het midden van het land, met strand, natuurschoon, cultuur en historie.

Vertrekpunt – Foz do Arelho

Foz do Arelho

De route begint in Foz do Arelho, aan de kust, iets minder dan 100 kilometer ten noorden van Lissabon. Deze badplaats heeft een heuse boulevard langs een breed zandstrand, iets wat je niet veel tegenkomt in Portugal. Bijzonder is dat er een verbinding ligt tussen de Atlantische Oceaan en een groot zoutwatermeer, het Lagoa de Óbidos. Dit meer is een parel voor natuurliefhebbers en staat bekend om de vele vogelsoorten die er leven, zoals bijvoorbeeld de flamingo (vogelspotten doe je het best in de herfst of winter). Op het meer, dat rijk gevuld is met vis en zeevruchten, zie je de bateira, een vissersbootje, maar je kunt ook vissers tegenkomen die met laarzen aan in het water staan om schelpdieren te vangen. Ben je in een sportieve bui? Dan kun je hier aan het watersporten, zoals zeilen, surfen of SUP.

Foz do Arelho – São Martinho do Porto (16 kilometer)

Via de Estrada Atlântica kun je van Foz do Arelho min of meer langs de kust naar São Martinho do Porto rijden. Dit kleine dorpje ligt mooi gelegen in een schelpvormige baai. Zandstrand en duinen omringen de plaats en nodigen uit voor een wandelingetje. Of drink een kopje koffie in de baai.

São Martinho do Porto – Nazaré (15 kilometer)

Nazaré

Vervolg je weg via de N242 naar de volgende kustplaats Nazaré. Dit dorp is wereldberoemd bij surfers, omdat de golven hier heel hoog zijn (vooral in de winter). Als de surfers er niet zijn, en het is geen hoogseizoen, is het een traditioneel vissersdorp waar je door smalle straatjes kunt slenteren én heerlijk kunt lunchen!

Rijd na de lunch naar boven (of neem de lift), naar de rots van waar je een prachtig uitzicht hebt over het dorp. Hier zie je ook een prachtig, klein kapelletje, met een bijzondere legende: in 1182 redde de Heilige Maagd het leven van ridder Dom Fuas Roupinho, door zijn paard aan de rand van de klif tegen te houden. Bezoek de Igreja da Nossa Senhora da Nazaré, een barokke kerk, gelegen in het hogere deel van de stad, waar je zeventiende eeuwse tegels vindt van de Nederlander Willem van der Kloet.

Nazaré – Alcobaça (17 kilometer)

Alcobaça

Nu verlaten we de kust en rijden we het binnenland in. Het duurt twintig minuten om naar Alcobaça te rijden, een stadje waar een wonderschoon klooster met een bijzondere geschiedenis op je wacht. De kerk bij dit klooster is één van de allermooiste die ik ooit zag. Het is een typisch gotische kerk, waar later twee barokke torens aan werden toegevoegd. Binnen zijn de rustgevende soberheid en de hoogte van het gebouw indrukwekkend. Het mooist zijn echter de graftombes van Pedro en Inês, Portugals meest dramatische liefdeskoppel. Dwaal ook door de gangen en ruimtes van het klooster, het is beslist de moeite waard.

Alcobaça – Óbidos (40 kilometer)

Óbidos

Via de snelweg A8 rijd je in iets meer dan een half uur naar de laatste stop van de route, het vestingstadje Óbidos. Hier blijf je, na het klooster van Alcobaça, in middeleeuwse sferen. Óbidos ligt prachtig gelegen op een heuvel en vanaf de snelweg zie je al de imposante burcht (tegenwoordig een pousada). Binnen (en zelfs over) de oude stadsmuren wandelend kom je allerlei pittoreske plaatjes tegen. Toeristisch is het wel behoorlijk, maar ach, er is ook niks mis met het drinken van een glaasje ginjinha uit een bekertje van chocola. Persoonlijk vind ik wel iets mis met de mierzoete gebakjes en cakejes die hier volop worden aangeboden, maar laat mijn smaakpupillen je niet tegenhouden het zelf te proberen. Trouwens, Óbidos staat bekend om tal van grote festijnen: het Middeleeuwse festival in juli/augustus, het chocoladefestival in april/mei en als woonplaats van de Kerstman in de hele maand december.

Meer rondrijden in dit gebied? Houd de site in de gaten! Volgende week gaan we eerst naar de Algarve!