Compleet Coimbra: naar de Azoren

In de contacten met de Portugezen had ik alleen maar veel lof gehoord over de Azoren. Deze eilandengroep bestaat uit negen eilanden die midden in de Atlantische Oceaan liggen. Een minder bekend deel van Portugal? De eilanden werden in de 15e eeuw gekoloniseerd door de Portugezen en zijn nu autonoom gebied. Vele Portugezen zijn al op één of meerdere eilanden geweest tijdens hun jaarlijkse vakantie. Ze hebben allemaal wel hun favoriete eiland.

Azoren

En allemaal hun persoonlijke redenen om te zeggen welk eiland nu het mooiste is. Elk eiland heeft immers zijn eigen karakter en dus is het een unieke groep. Eén feit staat vast, ze hebben allemaal heel wat te bieden voor de natuurliefhebbers. Het kon dus niet uitblijven, daar moesten we ook eens heen. Best beginnen met de twee grootste, São Miguel en Terceira.

We hadden goeie redenen om eind mei, begin juni te reizen. Tijdens deze periode gaan de studenten hier in Coimbra uit de bol met hun Queima das Fitas, hun zuippartijen tijdens de stoet op zondag en hun concerten tot diep in de nacht. Van rustig slapen is er dan gedurende twee weken nog minder sprake dan anders. De eerste jaren was het leuk om dat eens mee te maken, maar nu niet meer. Dit jaar zouden de festiviteiten starten de laatste week van mei. Wij weg dus! Hop naar de Azoren voor 14 dagen.

SNP in Nederland heeft voor ons de hele reis op poten gezet. Daar hadden we al bij een andere reis in de Alentejo positieve ervaringen mee. We kozen een individueel wandelprogramma uit hun reisaanbod. En dat werd dan aangepast aan onze persoonlijke wensen. Vluchten die vertrekken om 7 uur ´s ochtends vanaf Lissabon bijvoorbeeld, dat zien we niet meer zitten. Vrijheid blijheid om te beslissen of je de wandelingen doet of andere.  Dus was het genieten voor ons.

Het eerste eiland dat we bezochten was São Miguel. Het eiland van de hortensia’s, de vulkanen, de mistflarden, de vis- en zeevruchten en de warme stoofpotten. Het eiland voelde aan alsof er nog steeds iets woelde diep in de grond. Alsof er nog geen einde was gekomen aan de miljoenen jaren vorming van de aarde. Een land geboren uit het oceaanwater en met veel plekken waar er nog veel stoom wordt geblazen, waar modderbaden aan de oppervlakte worden gestuwd en waar de pioniers -mossen en korstmossen- in alle groen- en wittinten over boomstammen en rotsen kruipen. Talrijke, goed gemarkeerde wandelpaden nemen je mee op een ontdekkingstocht van ruige kustranden naar sprookjesachtige bossen. Tijdens ons verblijf dompelden we ons onder in deze variaties van nog bestaande vulkanische natuurkrachten, dwaalden we langs de mistige flanken en bergtoppen met de eerste dagen af en toe een straaltje zon, verder vooral mist. We ervaarden hartelijke ontmoetingen – met zowel mensen als dieren. Op de groene graslanden zagen we vooral “happy cows”.

De vlucht van Lissabon naar Ponta Delgada ging door met Air Azores en niet met TAP zelf. Met een half uurtje vertraging stegen we op. De reis duurde amper 2 uurtjes, dus geen tijd voor maaltijden of drank aan boord, op een pakje Azoren Mariakoekjes na. Als je ze niet opeet kunnen ze nog altijd de bodem van een cheesecake vormen. Ook een populair dessert op de eilanden.

Azoren

De zichtbaarheid bij het landen was eerder beperkt, maar toch nog goed genoeg om op te merken hoe groen alles er vanuit de lucht uitzag. De hoge luchtvochtigheid is het eerste dat je opvalt als je het vliegtuig verlaat. Het leek een beetje jungleweer, maar dan minder warm.

Onze aankomst op São Miguel begon dus met de typische weersomstandigheden. Hier zeggen ze: four seasons in one day. We begonnen met herfst. De landing voelde daardoor mysterieus, met grijze wolken waar we door moesten met een beetje turbulentie. In de aankomsthal werden we onverwacht en vriendelijk verwelkomd door een vertegenwoordiger van Milo, een lokaal reisbureau, die ons met een glimlach de eerste enveloppen met info en kaarten overhandigde. SNP werkt samen met dit lokaal agentschap.

Azoren

We haalden de huurwagen op bij Sunny Cars (Autatlantis) en reden noordwaarts. Meestal goede wegen, soms wat smal. Van files en druk verkeer geen sprake toen we naar onze eerste bestemming reden. Wat wel opviel dat de locals wel hard op het gaspedaal kunnen duwen. We lieten ons graag inhalen. Zo konden we zelf goed rondkijken naar de overweldigende natuur.

De eerste drie nachten zouden we doorbrengen in een hotel met individuele bungalows, Solar do Conde in Capelas. We kregen bij aankomst een glaasje mandarijnlikeur – een ritueel dat de positieve toon zette. Het huisje dat we toegewezen kregen was heel eenvoudig ingericht met keukentje, salonnetje en aparte slaapkamer. Alles voelde wat kil en klam aan (91% luchtvochtigheid is niet niks). De kikkerconcerten en het zicht op het groen in de tuin maakten veel goed. De ontbijt-eetzaal keek uit op een zwembad. Maar daar waagde nog niemand zich in.

We gingen dineren in restaurant O Frei do Frango, (wie lust er nu geen kip?) en proefden voor de eerste keer de plaatselijke lekkernij genoemd “lapas” , schelpdieren uniek voor de Azoren. Ze worden op de barbecue gelegd met look, citroen en boter. Ze zijn wat taai, tussen mossel en inktvis, maar heel smaakvol. Het zijn platte, kegelvormige schelpen die vastzitten op de rotsen als een omgekeerd kommetje. Alleen op plaatsen waar er getijde is. Het oogsten gebeurt traditioneel, manueel met een mes. Duurdere prijscategorie dus. De Azoren hebben ook hun eigen bierbrouwsels in verschillende smaken. Daar is ook passievrucht bij!

Wandelen door een vulkanisch sprookjesland

We startten onze eerste wandeling al de dag nadien. Gemiddeld zouden we tussen de 12.000 en 19.000 stappen per dag zetten. Soms langs goed gemarkeerde routes, soms meer op het gevoel, maar altijd met onze stevige stapschoenen aan. Want een stenige, modderige, ondergrond met glibberige boomwortels was geen uitzondering. São Miguel bleek een paradijs voor wandelaars – met verrassend veel variatie in de landschappen onderweg. Elke route bood een natuurpracht die vaak een “wow” ontlokte. Ook varieerde de moeilijkheidsgraad. Want 7 km lijkt niet veel maar klimmen en dalen tot 500 meter kroop aardig in onze knieën. 10 km op meer vlakke veldwegen is dan weer gemakkelijker. Bovendien hielden we regelmatig halt om al die natuurpracht te aanschouwen.

Er waren twee circulaire routes uitgezet in de buurt van het vulkaanmeer “Lagoa de Canário”. De omgeving zag eruit als een groot vulkanisch veld omringd door lieflijke hellingen. Populair bij de toeristen, want er stonden reeds meerdere wagens op de parking. De eerste lus van 5 km bood brede paden, meerdere miradouros en bloemenhagen. Enkele drassige stukken, enkele houten trappen en de eerste opklaringen waarbij de zon even door de mist brak. Wegens de goede toegankelijkheid van het terrein waren hier ook de meeste toeristen te vinden. Verder ruime weiden en bos, heide, en vooral magische meeruitzichten.

Azoren

De tweede lus van 7 km startte aan een infobord op de parking. De hele route was goed aangegeven met geel-rode tekens. Zware steile stukken onderweg met houten trappenplanken. Prachtig wisselend landschap: heide, schaduwrijke bossen en drassige gronden met poelen en kikkergekwaak. Af en toe diep uitgesleten wegeltjes. De zon piepte later op de dag door de mist, we liepen zelfs een lichte zonnebrand op.  Dan kwamen de eerste blikken op een kratermeer en de groene heuvels errond. Picknick gehouden aan een oud ruïnehuisje met waterpomp en met zicht op dat meer. We hadden vooraf brood, kaas en worst in de supermarkt gekocht. Nauwelijks wandelaars gezien op dit laatste stuk. Het was een heel pittige route.

Dineren deden we in restaurant Os Remédios, een café-restaurant vol locals, twee tv’s die aanstonden en vliegen die rondjes draaiden. Charmant in z’n authenticiteit. Opnieuw kozen we een lokale specialiteit: gefrituurde jonge makreeltjes De barman zag me met mes en vork de filetjes van de vis af halen en kwam me zeggen dat het veel gemakkelijker zou zijn met de handen te eten. Het is de gewoonte de visjes met kop en staart en graat naar binnen te werken. Omdat het jonge visjes zijn, zijn alle delen eetbaar.

Azoren

De dag nadien liepen we een TOP- route uit onze Duitse wandelgids van Rother Wanderführer, nr 22 genaamd: Janela do Inferno. Met deze gids en de app met kaarten was het  gemakkelijk om met onze telefoon te zien waar we waren en hoe we moesten lopen wanneer we twijfelden. Dat was heel praktisch.

SNP heeft voor deze reis eigen suggesties gedaan en enkele interessante routes beschreven. Sommige van die routes kwamen overeen met lokale uitgezette routes. Die officiële kan je allemaal vinden op deze website.

Het kan verwarrend zijn om deze wandeling te starten. Er zijn twee plaatsen op het eiland die Remédios heetten. We vertrokken met slecht weer: nat en mistig. Daarom mistten we bij het eerste deel van de wandeling de belovende vergezichten. Maar niet de sfeer.

Het was een stevige wandeling met tunnels (Hoofd omlaag! Bukken. Best met zaklamp, licht van de GSM viel zwak uit.), beekjes, steile klimmetjes en indrukwekkend stille, sprookjesachtige bossen. We kwamen weinig wandelaars tegen. Alleen vogelgeluiden en stromend beekwater vulden de lucht. Zo wat halfweg de route ligt het “Janela do Inferno, Venster van de Hel”, een steile rotswand met watervalletje, waarbij het water vanuit een donker gat uit de rots stroomt. Wat ons opviel was het overvloedig voorkomen van een invasieve plant die alles overwoekerde. Deze plant heeft wortelknollen die je kan vergelijken met dikke gemberknollen: de Kahili Ginger. Een grote bedreiging voor de andere vegetatie.

Na de wandeling reden we naar een stopplaats met uitzicht. We werden aangesproken door een local die deze picknickplaats onderhield. Je vindt dergelijke stopplaatsen overal verspreid op het eiland. Hij rukte knollen van een invasieve leliesoort White Ginger Lily uit de grond én vertelde ons zijn hele familiegeschiedenis. Mensen hebben hier nog tijd voor en vooral zin in een praatje.

We deden een ommetje naar Ribeira Grande. Het stadje leek wat toeristischer. Het had een indrukwekkend dorpsplein met oude bomen met gedraaide stammen. Maar in sommige straten ook veel vervallen huisjes die een soort triestheid uitstraalden.

Zondag 25 mei, was een speciale dag. We reden naar Ponta Delgada via binnenwegen. Dat gaat trager, maar je krijgt zoveel meer te zien van het binnenland. Wie het diepe geloof van de bewoners wil observeren komt in deze stad zeker aan zijn trekken. De straatplaveien van de stad worden jaarlijks op de vijfde zondag na Pasen, op de feestdag van Santo Cristo do Milagres, in de ochtenduren versierd met gekleurde houtschilfers. Ze gebruiken voor deze decoratie een soort van mallen, vaak in bloemvorm.  De bewoners van de stad werken mee. De mis wordt buiten voor de kerk gehouden omdat er te veel volk is. Veel uitgeweken bewoners keren vaak terug in die feestperiode.

Azoren

Het beeld van Santo Cristo dos Milagres staat al onder een schrijn. Er bestaan verschillende legendes.  Zo wordt er volgens de overlevering beweerd dat het beeld dat een gegeselde Christus voorstelt in de 16e eeuw vanuit Rome, door de paus zelf zou verstuurd zijn. De aardbeving in 1700 zou gestopt zijn nadat het beeld in een processie werd rondgedragen. Zo zouden de bewoners beschermd geweest zijn tegen verdere natuurrampen. Sommigen beweren dat de gelaatsuitdrukking verandert, de ogen zo levendig echt en doorleefd zijn afgebeeld, anderen beweren dat er onverklaarbare genezingen zijn geweest van mensen die baden tot het beeld. Veel pelgrims geloven nog echt in de kracht van boetedoening. Met veel eer werd het beeld in een processie in de namiddag rondgedragen door de stad. De bewoners zijn op z´n zondags opgetut voor de gelegenheid.

Op weg naar onze volgende verblijfplaats: Povoação. Een klein dorp met een klein haventje, in een rustige baai. Op deze plaats zouden de eerste kolonisten zijn geland. Het was de allereerste hoofdstad van het eiland, maar door natuurrampen moest het deze plaats afstaan aan Ponta Delgada.

Azoren

De volgende dag, op zoek naar een apotheker in Furnas, moesten we ons programma aanpassen. We beslisten de wandeling rond het kratermeer te doen, aangevuld met een aanloop vanuit het dorpje. De start in het dorp was zeer pittig, ondanks het feit dat het een geasfalteerde weg was. Bovenop dan weer een prachtig uitzicht op het dorp en het kratermeer. Totale afstand: 11 km. Het water in het meer zag groen van de algen. Niet aantrekkelijk om te zwemmen dus.

De omgeving lijkt op een half wild, half onderhouden park. Op het einde van de wandeling, enkele kraampjes om je dorst te lessen en je honger te stillen, ook een souvenirwinkeltje. We konden hier actieve furolen (gaten met vulkanische activiteit) zien. Een oudere man beheerde de putten waarin de kookpotten met de traditionele cozida zouden stoven. Er is ook een mogelijkheid een kano te huren. Veel bezoekers. Ook Portugezen.

De terugweg naar het dorp Furnas vergde opnieuw veel energie. We liepen steil omhoog en eenmaal over de heuvelrug kwamen we terecht in een vallei met koeien en katten, omgeven door vulkanen. We waren alleen op de wereld. Het werd warm en dus moest er zonnecrême gesmeerd worden.

De lineaire kustwandeling vanuit Povoação leek te zwaar. Een local vertelde ons dat je niet langs het strand kon lopen wat wel in het boekje wel stond. We wilden geen risico´s nemen. We belandden uiteindelijk in de buurt van een dorpje Ribeira Quente via steil dalende kronkelwegen. We liepen eerst langs een wegeltje met rotsformaties langs de kust, kwamen een koppel Canadezen tegen, hielden een babbeltje en besloten terug te keren toen het weggetje te steil werd.  Mooie rotsformaties gezien. In het haventje waren de mannen geen vis maar rundvlees aan het versnijden in open lucht. We groetten even en hadden een korte babbel. We liepen verder langs een grote kustboulevard. Het verwonderde ons al dat hier zoveel parkeerplaatsen gecreëerd waren. Maar het bleek dat het oceaanwater hier ´s zomers veel mensen lokt. Nu al waren enkele bewoners naar het strand in Ribeira Quente gekomen om te genieten. Op deze plek vind je het warmste oceaanwater van het eiland. Dat komt door de geothermische activiteit in de ondergrond. Met wat opzoekingswerk vernam ik hoe dreigend het Azoriaanse weer meerdere keren rampzalig heeft toegeslagen op dit dorp. In het verleden waren er meerdere grondverschuivingen door overvloedige regenval en kostte de gemeenschap al vele tientallen dodelijke slachtoffers. De lucht is er zwoel, het strand heeft zijn passende naam gekregen: Praia do fogo. (vuur-strand)

Je moet de typische stoofpot van de Azoren een keertje hebben geproefd. Maar nog verrassender is het grote aanbod van verse vis. In de restaurants komen ze je vertellen wat de vangst van de dag is geweest.  Maar er zijn ook lulas (inktvisjes) en gambas (garnalen) te krijgen. Of lokale zwarte bloedpens.

De volgende dag stond het bekende en toeristische Parque Nossa Terra op het programma. De dag startte grijs. Maar dat mocht de pret niet drukken. We waren tegen 10.30 aan de ingang van de Botanische Tuin, gewapend met donkerblauwe handdoeken van het hotel. Het grote thermische bad is gevuld met ijzer- en minerale houdend water en zou helend zijn. Het water oogt oranje, troebel en het ijzer kan je zwempak blijvend kleuren. Het water wordt constant aangevuld met waterspuwers waarvan de twee met kleurloos water het meest aantrekkelijk waren om onder te staan. Lekker warm. Heet voor anderen. De ingang is niet aan het hotel zelf zoals je soms nog leest in sommige toeristische gidsen, maar aan de tuin ingang.

We kregen honger. Het nabijgelegen, drukbezochte kaaswinkeltje op wandelafstand heeft achterin een grote eetzaal. Daar kan je lunchen. Uitgebreide kaart met ook pizza´s voor de verandering. Met veeeel lekkere kaas erop. Slechts voor de helft opgekregen. Trouwens de lokale kazen zijn het proeven waard. De maracujalimonade erbij smaakte als een tropische zomer in een glas. Passievruchten zie je trouwens heel veel terugkomen in gebak, drankjes en yoghurt. Erg geliefd hier.

Eten op São Miguel is geen culinaire show – het is eenvoudig, eerlijk maar lekker. Vlees en vis van beste kwaliteit. En soms ook een complete verrassing: bij de start van de wandeling vanuit Remédios, zagen we een foodtruck staan, gesloten bij aankomst rond 10.00, maar de vuilbak toonde nog resten van de dag voordien. Bij de terugkeer een Smashburger van topkwaliteit gegeten, klaargemaakt door een jonge Azoriaanse uitbater die ook vlot Engels sprak.  Die verdiende de score 4.9 op Tripadvisor ruimschoots. De beste hamburger en frieten in heel lange tijd gegeten.

Azoren

In het volgende blogdeel neem ik je mee naar Terceira – waar de vulkanische energie een ander gezicht krijgt: dat van lavagrotten, koloniale steden en uitzichten op een soms blauwe oceaan zonder einde.


Marieleen is sinds augustus 2019 heerlijk “reformada” en heeft dus tijd (en zin) om elke eerste zaterdag van de maand allerlei ontdekkingen in Coimbra te delen. Plus natuurlijk haar enthousiasme en liefde voor de stad! Volg haar op Instagram voor nog meer foto´s van Coimbra en omgeving. Voor een rondleiding of een bezoek aan de stad aarzel niet haar te contacteren via marieleenb.pt@gmail.com.