Carapaus alimados à Algarvia

Als er iets veel wordt gegeten in de Algarve dan is het wel vis. In alle soorten en maten, zeevruchten of schaal-en schelpdieren. De carapaus die we gebruiken in het recept van vandaag kun je op vele manieren eten. Gewoon op de barbecue of als peixe frito met een lekkere tomatenrijst. Maar het kan dus ook zo. Favoriet onder de Algarvios en zo gemaakt.

Ingrediënten

1 kilo carapaus (horsmakreel) medium
3 uien
12(!) teentjes knoflook
1 bosje peterselie
oregano
olijfolie
azijn
zout

Bereiding

Maak de visjes schoon of laat de visboer het voor je doen. Ingewanden, graten en kop kunnen allemaal weg. Spoel ze goed schoon onder de kraan. Pak een grote platte schaal of kom en giet hier een laag grof zeezout in. Leg de visjes er opengevouwen op. Vervolgens giet je weer een laagje zout in de schaal, daarop leg je weer visjes, enzovoorts. Sluit af met een laag zout. Laat dit zo een dag staan.

Zet een pan water op en breng dit aan de kook. Spoel ondertussen het zout van de horsmakreel af. Zodra het water kookt en de visjes schoongespoeld zijn gaan de de pan in. Kook ze ongeveer 4 minuten. Je kunt checken of ze gaar zijn door aan de staart te trekken, als deze direct loslaat zijn ze gaar. Haal ze voorzichtig uit de pan (evt met een schuimspaan) en laat ze in een kom koud water zakken. Verwijder vervolgens de huid en eventuele achtergebleven graatjes. Probeer de visjes zoveel mogelijk heel te laten.

Leg de schone gekookte visjes op een schaal en breng op smaak met olijfolie en azijn. Snijd je knoflook en uien in dunne plakjes en verdeel over de vis. Giet er vervolgens nogmaals wat olijfolie en azijn over. Maak af met wat fijngesneden peterselie en eventueel een snufje oregano. Je kunt ze zowel warm als koud eten. Serveer met (in de schil) gekookte aardappels, die je pelt en in vieren snijdt of met stevig brood.

Bom apetite!